19 september 2016

Graag een eenvoudiger Brussel, maar met behoud van de waarborgen voor Nederlandstaligen

 

Minister-President Rudi Vervoort lanceerde in zijn traditioneel rentrée interview het idee voor een grote hervorming van de Brusselse instellingen. Het aantal gemeenteraadsleden, schepenen en parlementsleden zou moeten afnemen, er moet - ook voor de gewestverkiezingen - op tweetalige lijsten kunnen gestemd worden, en last but not least zou de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC) afgeschaft moeten worden.

Het is positief dat voorstellen gedaan worden om de complexe politieke structuren in Brussel te vereenvoudigen. Toch herinneren we eraan dat de inkt van de Zesde Staatshervorming nog maar net droog is en dat men nog volop bezig is met de nieuwe bevoegdheden uit te rollen. De contouren van de kinderbijslag bijvoorbeeld zijn nog lang niet duidelijk in Brussel. Zijn rol in het veiligheidsbeleid heeft de Minister-President nog altijd niet ten volle opgenomen. Er zijn met andere woorden heel wat domeinen waar er nog werk aan de winkel is. Laten we eerst daar concreet werk van maken.

Voor CD&V zijn, bij het debat over de toekomst van Brussel, alvast een aantal uitgangspunten cruciaal. Het politieke leiderschap in Brussel moet - veel meer dan vandaag - bij het Brussels Hoofdstedelijk Gewest liggen, en niet bij de gemeenten. Meer dan ooit zijn we van mening dat een aantal belangrijke bevoegdheden die nu nog door de gemeenten worden uitgeoefend op het gewestelijke niveau moeten getild worden. In dezelfde lijn moet de hoofdstedelijke functie (en de middelen die eraan verbonden worden) overgedragen worden van Brussel-hoofdstad naar het Brussels Gewest. Op veiligheidsvlak moet snel werk gemaakt worden van een eengemaakte politiezone.

Verder spreekt het voor zich dat Brussel hand in hand moet werken met de twee gemeenschappen voor de uitoefening van de gemeenschapsbevoegdheden. De band tussen Brussel en Vlaanderen is voor onze partij primordiaal.
Het idee van tweetalige lijsten in het Brussels Gewest is niet nieuw. We delen de mening van Vervoort niet, en zijn er helemaal geen voorstander van. In Brussel hebben beide taalgroepen elk hun gegarandeerde vertegenwoordiging in het parlement. Tweetalige lijsten bieden geen enkele garantie dat Brusselaars die Nederlandstalig zijn of die oprecht geïnteresseerd zijn in de Vlaamse gemeenschap in Brussel, de kandidaat van hun keuze naar het parlement kunnen sturen.

De vermindering van het aantal gemeenteraadsleden, schepenen en parlementsleden verdient zeker een debat. Het kan inderdaad met minder, maar het spreekt voor zich dat hierbij (i) de verhouding Nederlandstaligen-Franstaligen dezelfde moet blijven, en (ii) de Nederlandstaligen te allen tijde voldoende vertegenwoordigers moet hebben in de Brusselse beleidsniveaus.

Wat de GGC betreft, schuiven we volgende principes naar voor. Ten eerste, moeten alle garanties van de bestaande meerderheden absoluut behouden blijven. In de GGC moet met dubbele meerderheid ordonnanties worden goedgekeurd. Dat moet blijven. In de regering moet er, ten tweede, voor de GGC-bevoegdheidsdomeinen altijd een Nederlandstalige en een Franstalige minister verantwoordelijk zijn, zoals dat nu het geval is in het college (hiermee staan we dus op een heel andere lijn dan Vervoort). Ten derde, moeten de huidige bevoegdheden van de GGC blijvend erkend worden als gemeenschapsbevoegdheden. Ze mogen op termijn niet “vergewestelijken”. Ten vierde moeten de GGC en de instellingen die onder de GGC ressorteren (en dus ook de recent ingekantelde instellingen), natuurlijk tweetalig zijn. Tenslotte pleiten we ervoor dat het GGC-beleid door àlle ministers en staatssecretarissen van de Brusselse regering collegiaal gedragen moet worden. Deze vier principes brengen ons ertoe om het GGC-voorstel van Vervoort zeker niet te volgen.

De voorstellen van de Minister-President hebben het voordeel van de duidelijkheid. Maar we zijn dus verbaasd over de timing ervan, en over de inhoud van enkele van zijn voorstellen. We verwachten van de Minister-President dat hij beide taalgroepen en alle Brusselaars respecteert en verbindt, en dus ook dat hij geen voorstellen formuleert die raken aan de rechten van een bepaalde taalgroep. Hervormingen die leiden tot een beter (bestuurd) Brussel, moeten voor CD&V àlle inwoners van Brussel, en ook iedereen die betrokken is bij (of beroep doet op) het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, ten goede komen.

 

Identiteitskaart

Paul Delva

Fractieleider CD&V Brussels Parlement
Raadslid Vlaamse Gemeenschapscommissie

Lombardstraat 57
1000 Brussel 

pdelva@bruparl.irisnet.be
+32 2 549 64 50

Twitter

Volg je me ook via sociale media?